Hoofdstuk 14 (pag. 143 - 149)

ZIJ

 

De uitnodiging leek haar met zijn prachtige gouden letters uit te lachen. Ze had weliswaar een uitnodiging in de bus gekregen. Magali was ervan overtuigd dat hij dat enkel uit beleefdheid had gedaan. Een hele week had ze zowel gehoopt als gevreesd dat hij langs zou komen. Dagelijks had ze zich afgevraagd of ze misschien onredelijk had gereageerd. Maar tegelijk vroeg ze zich af waarom hij niet kon zien dat er veel belangrijkere dingen waren dan geld. Het was niet zo dat ze geen cadeau van hem wilde aannemen. Maar ze vond het feit dat hij haar mee naar een museum had genomen duizend keer meer waard dan het cadeau dat hij haar had willen geven. Was ze koppig?

Nicole vond althans van wel. Ze had er later die dag geen doekjes om gewonden. ‘En wanneer mag Max je dan wel eens een cadeau geven, denk je? Of beter gezegd, wat zou hij je wél mogen geven?’ Hierop had Magali niet meteen antwoord kunnen geven. Na even na te denken zei ze: ‘Nicole hij had het over een nieuwe fiets of een auto. Zelfs over gaan shoppen en ik betwijfel of hij daarmee dezelfde winkels bedoelde als die waar ik altijd mijn kledij koop! Zie ik er dan zo armzalig uit dat ik een make over nodig heb?’ Tranen van frustratie brandden op haar netvlies maar daardoor liet Nicole zich niet uit het veld slaan. ‘Er is niks mis met hoe je eruit ziet en er is helemaal niets mis met uit te moeten kijken waaraan je je geld uitgeeft. Maar Magali, er is ook niets mis met geld uit te geven wanneer je het wél hebt.’ Nicole stak haar vinger op wanneer ze zag dat Magali haar wilde onderbreken. ‘Volgens mij ziet Max die verschillen die er tussen jullie zijn helemaal niet en ben jij diegene die er zo of gefocust is. Jij maakt het voor jezelf en voor hem alleen maar moeilijker.’ Magali maakte een hulpeloos gebaar. ‘Het maakt niets meer uit Nicole, ik heb een hele week niets van hem gehoord. Het enige wat ik heb gekregen, was deze uitnodiging en die kwam per post.’ Nicole gaf haar een tissue aan en legde haar arm om Magali ’s schouders. ‘Kijk als je écht van hem houdt dan moet je gaan Magali. Zeg hem wat je voor hem voelt en als hij ook van jou houdt dan kunnen jullie dit zeker overwinnen. Wij gaan ook, je kan gerust met ons meegaan als je dat wilt.’  

Met lood in haar schoenen ging ze de zaal binnen. Op de parking die beneden aan het dorp lag, had ze allerlei dure wagens zien staan. Binnen stonden er allemaal mannen in maatpakken die waarschijnlijk handgemaakt waren. De weinige vrouwen die er waren, droegen zakelijke kledij en waren al helemaal niet in een zwarte enkellange jurk met split zoals zij. Gelukkig had ze voor de zwarte versie gekozen en paste de robijnrode versie ervan niet bij haar haarkleur, anders was ze ongetwijfeld nog meer uit de toon gevallen. Réné, die scheen te begrijpen dat ze haar hart in haar handen hield, gaf haar een bemoedigende knipoog. Haar handen waren klam van de zenuwen en ze zei tegen haar familie dat ze die even ging wassen. Er klonk geroezemoes in de zaal en terwijl Magali naar de toiletten liep, hoorde ze zo’n uitzinnige bedragen noemen dat ze hartkloppingen had tegen de tijd dat ze het toilet bereikt had. Nooit van haar leven zou ze zo’n bedrag spenderen aan één fles wijn!

Tegen de tijd dat ze terug was, viel de zaal stil en verscheen Max op een klein podium. Hij zag er prachtig uit in zijn antracietgrijze maatpak, vond ze. Volgens Magali was er geen spoortje zenuwen te bespeuren bij Max al vond ze wel dat hij er een beetje vermoeid uitzag. Hij kuchte even om de aandacht te trekken en begon met iedereen te bedanken voor hun aanwezigheid. Daarna legde hij iedereen uit dat de wijn waarvoor ze zo talrijk gekomen waren, geteeld was in Malaucène en niet in Vacqueyras. Hij had het over soorten druiven en uitzonderlijke grond. Magali genoot er van hem zo te zien en zijn stem te horen dat ze geboeid luisterde naar wat hij te zeggen had.

‘Aangezien deze wijn niet van de druiven op het familie landgoed afkomstig is kan hij ook niet de naam Cave de Mércier dragen. Ik heb daarom voor een naam gekozen die me steeds zal doen denken aan een persoon die voor mij persoonlijk de laatste tijd héél veel is gaan betekenen. Ze heeft geen hekel aan rijkdom maar wel aan mensen die deze niet naar waarde weten te schatten. Het is met voorsprong de meest toegewijde lerares van de streek en ik hou van haar.’ Op het scherm achter hem verscheen het logo van de wijn en Magali moest het tafeltje dat voor haar stond vastgrijpen uit schrik dat ze zou vallen. Had ze dat goed verstaan? ‘”La Petite”, hij heeft hem naar jou vernoemd!’ Réné keek haar ongelovig aan. Max ging verder, ‘Deze wijn heeft een groots karakter maar hoort volgens mij bescheiden gedronken te worden. Ik weet dat enkelen onder u bereid zijn om veel geld te betalen om deze wijn te kunnen aankopen. Het maakt me dan ook heel gelukkig om te kunnen zeggen dat dat niet nodig zal zijn. Ik heb eergisteren een verkoopcontract getekend met één van de goedkopere supermarktketens. “La Petite” zal daar verkocht worden voor vijf euro per fles en kan op die manier door iedereen gedronken worden.’

Het geroezemoes dat tijdens Max’ uiteenzetting was opgehouden, zwol nu aan. Magali zag dat sommigen onder de genodigden zelfs boos reageerden. Zelf stond ze als versteend aan de grond genageld. Nog steeds klemde ze het tafeltje voor haar tussen haar handen. Rondom haar liepen mensen naar de uitgang om met lege handen naar huis te gaan. Na wat haar een eeuwigheid leek, zag ze dat Max zich losmaakte van de menigte die hem omringde en op haar toe kwam lopen. Hij knikte Matthieu en Réné toe en gaf Nicole twee kussen. Vervolgens nam hij Magali bij de hand en leidde haar door een zijdeur naar wat een kleedkamer van het gemeentepersoneel in Crillon Le Brave moest zijn.

‘Voordat je iets zegt, wil ik dat je naar me luistert Magali. De villa word morgen leeggehaald en alle meubels gaan naar een organisatie die hulp bied aan kansarmen. Voor het huis bij de wijngaard had ik liever met jou meubels uitgezocht en eerlijk gezegd zou ik ook willen dat je daar met mij en Thomas kwam wonen.’ Magali knipperde met haar ogen en voelde de vlinders in haar buik een rondedansje maken. ‘Zei je nu net in de zaal dat je van me houdt?’ Ze voelde de handen van Max die haar gezicht teder omvatten. ‘Ja natuurlijk hou ik van je! Hoe zou ik dat niet kunnen? Jij bent het beste wat me overkomen is en ik wil je voor altijd bij me.’ Hij stopte even en even zag ze een spoortje van onzekerheid op zijn gezicht. ‘Hou jij ook een beetje van mij?’ Haar ogen liepen onherroepelijk over terwijl ze naar hem opkeek. ‘Max, ik hou al van je sinds de dag dat je weigerde om mijn fiets in de aanhangwagen te zetten.’

Hij kuste haar en keek haar vervolgens weer aan. ‘Ik zal dingen voor je willen kopen Magali…’ Met haar wang tegen zijn borstkas gedrukt, zei ze: ‘Dat weet ik.’ Ze voelde hoe hij haar losliet en bijna wilde ze protesteren. Maar hij nam een stoel en zette zich daarop terwijl hij haar op zijn schoot trok. ‘Magali, ik wil nooit meer een week zonder jou moeten doorbrengen. Ik heb de hele week slecht geslapen. Het was maar goed dat Thomas niet thuis was, want ik vrees dat ik niet zo’n aangenaam gezelschap was geweest.’ Hij haalde even adem en zijn grijze ogen hielden de hare vast. Hij haalde een doosje uit zijn zak en toen hij het opende, zag ze een fijne gouden ring waarop een kleine diamant prijkte. ‘Wil je met me trouwen Magali?’ Er zat zo’n krop in haar keel dat ze niet in staat was een woord uit te brengen, daarom knikte ze uitvoerig.

Later die avond, nadat ze van bij een trotse Réné kwamen, wandelden ze hand in hand door het centrum van Malaucène. ‘Je beseft toch dat ik vanaf morgen geen bed meer heb om in te slapen?’ Ze lachte om zijn opmerking. ‘Ik ken wel een plek waar je mag kamperen.’

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De beschrijving van de dorpen en landschap zijn meestal naar waarheid neergepend, al hou ik aan het voorrecht van een schrijver om ook hier mijn fantasie een eigen rol le laten spelen. Het verhaal en de personages heb ik aan mijn oneindige fantasie te danken. Iedere gelijkenis berust dan ook op toeval.

 

Tinne De Wachter