Hoofdstuk 13 (pag. 113-123)

ZIJ

 

Frederic had overheerlijke chocoladebroodjes bij voor haar. Hij liet haar ook zien hoe ze een kop koffie voor zichzelf kon zetten. En ze moest toegeven dat het eigenlijk helemaal niet zo moeilijk was. Samen hadden ze staan lachen toen ze hem vertelde over al haar mislukte pogingen. Hij gaf haar een lift naar haar werk en beloofde haar die middag te komen ophalen. Maar waar ze naartoe gingen wilde hij haar nog niet vertellen. Wanneer ze uit de auto stapte, voelde ze de zonnestralen al branden op haar nog bleke huid. Snel ging ze de praktijk binnen en zag dat Nicole op haar stond te wachten. ‘Zo, zo, mijn koffie is niet meer nodig zie ik.’ Op haar gezicht stond een hartelijke glimlach. ‘Frederic is thuis gekomen deze ochtend. Hij heeft me ook laten zien hoe ik koffie kan maken.’ Emilie werd er een beetje verlegen van. ‘Mijn ouders hadden helemaal niet van die speciale spullen in huis. Dus ben ik ook niet gewoon om er mee te werken zie je.’ Nicole zette zich even bij Emilie nu ze nog de tijd hadden om een praatje te maken. ‘Hoe gaat het met je Emilie? Want ik weet dat het niet makkelijk is om met een brandweerman een relatie te hebben.’ Verbaasd trok Emilie haar wenkbrauwen op. ‘Heb jij dan een relatie gehad met een brandweerman misschien?’ Ze zag Nicole knikken. ‘Ja, ik was er met hem getrouwd. Maar dat is niet zo goed afgelopen, want ik ben ondertussen alweer twee jaar gescheiden. Maar genoeg over mij, ik vroeg hoe het met jou ging.’ Emilie voelde dat Nicole er niet over wilde praten en besloot het onderwerp te laten rusten. ‘Met mij gaat het goed nu. Maar wanneer hij gaan werken is, ben ik niet gerust. Ik stelde voor om vandaag naar een appartement te gaan kijken, maar hij wil dat ik bij hem blijf wonen.’ Nicole leek daar helemaal niet van te schrikken, al had Emilie verwacht dat ze het misschien te snel zou vinden. ‘Meid, je moet niet vergeten dat Frederic drieëndertig is. Ik vermoed dat hij heel zeker is dat hij met jou verder wil. Dat heeft hij nog nooit met iemand anders gehad. Maar als jij twijfels hebt, dan moet je hem dat gewoon zeggen.’ Emilie schudde haar hoofd. ‘Ik heb geen twijfels, ik hou van hem, maar ik ben bang om hem te verliezen, Nicole. En ik weet niet of hij begrijpt hoe fel die gevoelens zijn. Ik denk niet dat ik het zou aankunnen om nog eens iemand te moeten afgeven!’ Nicole keek haar medelevend aan en Emilie wist dat ze haar begreep. Toen de eerste patiënt binnenkwam lieten ze hun gesprek voor wat het was en gingen ze beiden aan het werk. Halverwege de voormiddag kwam Fabienne de praktijk binnen gewandeld. Ze hield met haar beide handen haar buik vast en Emilie zag meteen dat ze pijn had. Ze hielp haar op een stoel en liep naar de praktijkkamer van Nicole en vroeg haar om zo snel mogelijk naar de wachtzaal te komen. Nicole kwam onmiddellijk met Emilie mee en ze knielde bij Janine neer. Terwijl Nicole zich over Fabienne ontfermde belde Emilie naar Frederic. ‘Hallo liefje, …’ Emilie liet hem niet uitpraten maar vertelde hem dat Janine op de praktijk was en ze vroeg Frederic om zo snel mogelijk Jérome te verwittigen. Ze hing de telefoon weer op en keek even op naar Fabienne die ondanks de airconditioning zat te zweten op haar stoel. Nicole was haar pols aan het nemen en probeerde haar te kalmeren. Emilie ging met een vochtige doek over het voorhoofd van Janine terwijl Nicole naar de hartslag van de baby luisterde. De tijd leek stil te staan totdat ze Nicole hoorde zeggen dat Fabienne met spoed naar het hospitaal moest gevoerd worden. De baby zou te vroeg komen. Er was kans dat de longen van de baby nog niet voldoende gerijpt waren. De beste plaats voor Fabienne was het hospitaal. Emilie belde de ziekenwagen en gaf de eerste informatie reeds door. In Malaucène hoorde de ziekenwagen bij de brandweer, dus het zou niet lang duren voordat het volledige korps zou weten wat er aan de hand was. Jérome kwam binnengestormd met Frederic in het kielzog. Al vrij snel hoorden ze de sirenes in de verte en Emilie liep de deur uit om hen op te wachten en op de hoogte brengen van de laatste ontwikkelingen. Ze herkende Patrick meteen toen hij uit de ambulance sprong, de chauffeur die er bij was kon ze niet meer bij naam noemen. Het voelde raar aan want deze mensen hoorden nu in haar leefwereld. Het was alsof één van haar beste vriendinnen naar het hospitaal werd gevoerd. Nadat de ziekenwagen weg was bleven zij en Frederic alleen achter. Er waren gelukkig geen patiënten meer die een afspraak hadden die voormiddag. Emilie besefte dat het nieuws al de ronde moest doen want ook de telefoon was stilgevallen. Het was verbazend hoe snel een nieuwtje hier rond ging. Voor die namiddag verwachtte ze voornamelijk telefoontjes om te horen hoe het nu met Janine ging. Maar op dit moment zweeg de telefoon. ‘Emilie, ga zitten liefje, je staat te trillen als een espenblad.’ Emilie besefte dat ze inderdaad stond te beven. ‘Ik ben een beetje geschrokken vrees ik.’ Ze probeerde er bij te glimlachen maar die poging mislukte jammerlijk. Frederic kwam naast haar zitten en legde zijn arm om haar schouder. ‘Het komt wel goed met haar. Ze wordt met de beste zorgen omringd nu.’ Emilie wist dat hij gelijk had. Ze schrok ervan dat het al tegen het middaguur aan liep. De tijd was voorbij gevlogen terwijl het net had geleken alsof de wereld stilstond tijdens de spannende ogenblikken die ze net had meegemaakt.

Ze probeerde haar gedachten een beetje op orde te krijgen en keek op naar Frederic. ‘Misschien moeten we maar gaan eten, ik denk niet dat er nog iemand zal bellen nu. Bovendien ben ik nog steeds benieuwd waar je me mee naar toe wil nemen.’ Hij was duidelijk blij met wat ze zei. ‘Ik wist niet dat jij een nieuwsgierig type bent… Kom maar mee, we moeten er met de wagen naar toe.’ Hij nam haar bij de hand en ze gingen naar zijn wagen die op de parking geparkeerd stond. Buiten was het heet geworden en Emilie was dankbaar dat er airconditioning in zijn wagen was. Frederic was een vlotte bestuurder. Hij was het duidelijk gewoon om op de smalle wegen te rijden hier. Sommige wegen waren maar net breed genoeg voor één wagen en de SUV was tamelijk breed. Zodra ze een tegenligger aan zag komen, greep Emilie haar stoel vast. ‘Dat gaat je niet helpen vrees ik.’ Hij keek haar van opzij aan en knikte naar haar handen. Emilie zag dat hij er pret in had en rood van schaamte liet ze haar stoel los. ‘Je rijdt ook wel snel op die smalle weggetjes.’ Om de één of andere reden had ze het gevoel dat ze zichzelf moest verdedigen. Hij stuurde de wagen de weg af en ze reden nu over een hobbelig zandpad, dat door een bos liep, naar beneden. Tussen de bomen door zag ze een geïmproviseerde parking, waar slechts enkele wagens geparkeerd stonden. Frederic zette de wagen op een plek in de schaduw en stapte uit. Zelf volgde ze zijn voorbeeld en keek eens goed rond of ze iets zou zien dat haar een hint kon geven over hun bestemming. Ze hoorde krekels die door de hoge temperatuur waren beginnen lawaai maken. Frederic deed de koffer van de wagen open en haalde er een picknickmand en een koelbox uit. Ze volgden het pad verder naar beneden en kwamen bij een groot meer uit. Rondom het meer was een kunstmatig zandstrand aangelegd. Ze deden allebei hun schoenen uit en gingen op hun blote voeten een eindje door het zand. In de schaduw van een overhangende boom legde hij een deken op de grond, plaatste de picknickmand er op en zette de koelbox naast het deken in het zand. Het meer bleek veel groter dan ze op het eerste ogenblik had gezien. Er waren slechts in de verte enkele vissers te bespeuren. ‘Je had me deze ochtend kunnen zeggen dat ik best geen jeans aandeed vandaag.’ Ze deed alsof ze boos keek, maar kon haar lach niet tegenhouden. ‘Je denkt toch niet dat ik mezelf het zicht dat je me schenkt met die broek wilde ontzeggen? Maar geen nood, ik heb er wel aan gedacht.’ Hij blikte ondeugend in haar ogen en gaf haar weer die speelse knipoog. Terwijl Emilie vuurrode kaken kreeg, ging hij met één hand in de picknickmand en haalde er een klein zakje uit dat hij aan haar gaf. Ze keek erin en haalde de inhoud eruit. ‘Dit kan ik hier niet aandoen Frederic.’ De bikini die ze vast hield was van een duur merk zag ze. Hij had een fijne rode riem die als versiering op het slipje was aangebracht. Het bovenstukje was vanonder afgewerkt met een rode band. Verder was hij zwart en had een haltersluiting in de nek. ‘Geen probleem, ik hou het deken wel omhoog voor je. Dan kan niemand je zien, behalve ik natuurlijk.’ Daar had je die knipoog weer. Ze was verliefd geworden op die knipoogjes van hem, maar twijfelde of ze dit wel kon doen. Hij kon haar gedachten blijkbaar écht van haar gezicht aflezen. Want hij nam de deken van de grond en hield hem volledig rond haar. Ze was er helemaal door ingesloten. ‘Zie je wel, niemand zal iets kunnen zien.’   Ze moest toegeven dat hij gelijk had, niemand zou haar zien, behalve hij.

 

HIJ

 

Hij had in de winkel al geweten dat ze er prachtig mee zou staan, en hij had geen ongelijk gekregen. Frederic kon zijn ogen niet van haar afhouden terwijl ze zaten te eten. De blos die ze had gehad tijdens het omkleden begon weer weg te trekken. Zelf had hij zijn bermuda en t-shirt ook uit gedaan, maar hij had zijn zwemshort al onder aangehad. Ze genoot zichtbaar van de picknick en hij besloot dat zijn plan geslaagd was. Het enige wat hij wilde was haar gelukkig zien. Emilie was onder de indruk van de citron pressé die hij zelf gemaakt had. Hij legde uit dat ze in de kazerne een beurtrol hadden in de keuken en dat hij dus best zijn mannetje kon staan achter een fornuis en al zeker voor zoiets simpels als een citron pressé. Maar in België dronken ze dat blijkbaar niet, dus moest hij haar uitleggen hoe eenvoudig het was om het te maken.

Na het eten stond hij op om een duik te nemen in het koele water. Frederic kwam hier wel vaker zwemmen. In de maand april kon het buiten misschien wel warm zijn, de temperatuur van het water was nog fris. Hij zwom een stukje heen en weer en toen hij naar het strand keek, zag hij haar nog net het water in duiken. Ze slaakte een kreet toen ze weer bovenkwam. Hij zwom naar haar toe en nam haar in zijn armen. ‘Je moet bewegen, liefje, dan krijg je het zo warm.’ Ze knikte hem klappertandend toe en begon naast hem te zwemmen. ‘Het blijft koud, hoor. Je hebt me niet gezegd dat het water hartstikke koud is.’ Hij zag dat ze terugdraaide om naar hun plek te zwemmen. Frederic zwom haar achterna en haalde haar al snel in. Hij ging voor haar het water uit en haalde het deken, dat verderop nog op de grond lag. Met het deken open in zijn handen ging hij haar tegemoet. Ze stond te bibberen op haar benen van de kou. Hij draaide de deken rond haar en zo hield hij haar vast terwijl hij haar stond droog te wrijven. ‘Hoe komt het dat jij het niet koud hebt?’ Emilie keek hem vragend aan, terwijl ze ondertussen probeerde haar tanden stil te houden. ‘Ik kom hier regelmatig zwemmen. Waarschijnlijk ben ik de frisse temperatuur gewoon geworden.’ Hij vermoedde dat ze een beetje was opgewarmd, want het klappertanden en bibberen was opgehouden. Al kon hij op haar schouders nog steeds kippenvel zien. Hij voelde dat ze zich uit zijn armen wriemelde en ze schudde de deken van zich af, om vervolgens in de zon te gaan staan, in de hoop zo verder op te warmen. Hij liep naar de picknickmand en haalde er een bus zonnecrème uit. ‘Deze kan je best gebruiken, anders ben je binnen een uur helemaal rood.’ Frederic draaide de dop van het flesje en goot wat van de zonnecrème in de palm van zijn hand. Het was een zalig gevoel om haar in te smeren en hij dacht niet dat hij al ooit zo iets sensueels had beleeft. Nadat ze helemaal was ingesmeerd maakten ze samen een wandeling rond het meer. Hij groette de vissers die ze tegenkwamen en liet Emilie helemaal aan de andere kant de dam zien waardoor het meer was ontstaan. Frederic legde haar uit dat de dam vroeger gebouwd was om de graanmolens in de nabije omgeving van water te voorzien. Maar tegenwoordig was het enkel een recreatiemeer waar veel gezinnen in de zomer kwamen genieten van de vrije dagen. ‘Ik kan me wel voorstellen dat het een zeer geliefde plek is bij de mensen.’ Ze stond de omgeving in zich op te nemen en hij kon zien dat ze net zo van deze plek hield als hij deed. ‘Ja, in de zomer is het café open en worden er bijna wekelijks dansavonden georganiseerd.’ Hand in hand wandelden ze terug naar de plek waar ze de picknickmand en de koelbox hadden achtergelaten. Emilie deed haar kledij weer aan en hielp hem  de spullen weer naar de auto te dragen. Niet veel later reden ze Malaucène weer binnen en kwam er een einde aan hun ontspannen middag samen. Nicole had een bericht gelaten waarin ze zei dat Janine bevallen was van een sterke jongen. Volgens Nicole was er geen probleem met de longen, wat een hele geruststelling was.

Frederic liet Emilie achter op de praktijk en reed naar een garage die ver buiten het dorp lag. Hij lag helemaal tussen de velden en grensde aan de rand van de weg. Er stonden voornamelijk wagens van Franse makelij, maar hier en daar vond je ook nog andere merken. Frederic draaide de parking op en meteen kwam de eigenaar naar buiten. Het was een jeugdvriend van Frederic en ze hadden heel wat bij te praten. Na een biertje vertelde Frederic waarom hij gekomen was.

Tegen vijf uur was hij weer in het dorp om Emilie op te pikken. Ze kwam opgewekt naar buiten en hij merkte dat verschillende mensen haar groetten. Ze begon stillaan ingeburgerd te geraken. En aan haar uitdrukking te zien vond ze het prettig. Hij hield het portier voor haar open zodat ze kon instappen. ‘Ik denk dat ik een goede garage weet waar je eens moet gaan kijken.’ Aangenaam verrast draaide ze zich naar hem om. ‘Laat me raden, je kent iemand, is het niet?’ Hij moest lachen om haar opmerking en kon niet anders dan het toe te geven. ‘Klopt, het is de garage van een jeugdvriend, Luc. We zijn naast mekaar opgegroeid en hebben onze portie van deugnieterij samen uitgehaald. Ik weet dat hij betrouwbaar is, hij zal je geen kat in een zak verkopen. En wie weet, misschien maakt hij wel een prijsje omdat je mijn vriendin bent.’ Niet veel later waren ze op weg naar de garage van Luc. Wanneer Frederic Emilie van opzij aankeek zag hij haar met gesloten ogen achteroverleunen in haar stoel. Ze had een zweem van een glimlach op haar gezicht, maar hij had het gevoel dat ze met haar gedachten in het verleden zat. Hij hield de wagen een beetje in om haar iets meer tijd te gunnen om van de herinnering te genieten. En wanneer ze even later de parking opdraaiden werd ze uit haar dagdromen opgeschrikt. Haar ogen waren vochtig, zijn vermoeden was juist geweest. Ze keek hem aan en hij ving een traan op met zijn duim. ‘Mijn vorige wagen ben ik met mijn vader gaan kopen. Hij was toen al ziek, maar wilde per se met me mee.’ Dit zou ze de rest van haar dagen met zich mee moeten zeulen, dacht hij. ‘Misschien wilde hij net als ik nu, er voor zorgen dat je een goede wagen kocht.’ Ze knikte en hij hoorde haar zuchten voor ze uit de auto stapte, alsof ze opzag tegen de aankoop. Luc kwam naar buiten en liep hen tegemoet. ‘Dus jij bent Emilie? Tjonge, Frederic heeft niets overdreven als hij het over je schoonheid had!’ Emilie bloosde, trok haar wenkbrauwen op en keek van Luc naar Frederic. ‘Liefje, je kan niet van me verwachten dat ik ga staan liegen.’ Hij trok een mondhoek omhoog en knipoogde naar haar, en hij kon aan haar uitdrukking zien wat het met haar deed. Stiekem hield hij ervan om haar dat gevoel te bezorgen. Luc ging hen voor naar de showroom. Hij verkocht enkel tweedehandswagens, maar uitsluitend diegene waar hij nog borg voor kon staan. Luc vroeg Emilie wat ze verlangde van een wagen om een idee te krijgen in welke wagens ze interesse zou hebben. ‘Ik wil zoeklichten op mijn wagen zoals Frederic heeft.’ Frederic en Luc keken elkaar even verwonderd aan. ‘Liefje, wil je dan zo’n wagen als de mijne?’ Emilie schudde haar hoofd. ‘Dat hoeft niet, maar die zoeklichten heb ik nodig om de berg in het donker op te kunnen rijden. Die weg is zo smal en hier in Frankrijk is er geen verlichting op de weg.’ Luc keek haar verbaasd aan. ‘En in België wel?’ Frederic zag Emilie ferm knikken. ‘Bij ons zou ik er geen probleem mee hebben om die klim in het donker te nemen, maar hier wel.’ Luc nam hen mee naar enkele wagens waar hij naar eigen zeggen zoeklichten op plaatsen kon. De kleinste modellen vielen af omdat de stang waarop de zoeklichten geplaatst werden te breed was om op het dak te passen. Uiteindelijk bleef ze staan bij een rode wagen die iets kleiner was dan die van Frederic. Ze kwam naast hem staan en bleef naar de wagen kijken terwijl ze om zijn mening vroeg. ‘Wat denk jij Frederic?’ Hij keek ook naar de wagen en knikte bevestigend. ‘Volgens mij is het een prima wagen. Wat denk je dat je vader ervan zou zeggen?’ Ze draaide haar hoofd met een ruk naar hem toe en even vreesde hij dat hij een verkeerde zet had gedaan. Met een lichte vorm van angst keek hij haar aan. Maar ze keek hem zo dankbaar aan dat hij er zelf een krop van in zijn keel kreeg. Emilie trok hem dichterbij en ging op haar tippen staan om bij zijn oor te kunnen. Hij liet zich een beetje zakken en ze fluisterde. ‘Ik denk dat hij het met je eens zou zijn. Dank je Frederic.’ Ze had de gelukkigste glimlach op haar gezicht die hij al gezien had. En in stilte dankte hij de man die daarvoor verantwoordelijk was. Frederic besefte dat haar ouders twee bijzondere mensen moeten geweest zijn, anders zou het niet mogelijk zijn om zo’n juweel van een dochter groot te brengen. Deze keer was hij degene die met zijn gedachten ergens anders zat. En toen Luc hen meenam naar zijn bureau om de verkoopovereenkomst op te maken duurde het even voordat Frederic met zijn gedachten terug in het heden was. Volgens Luc zou het een dag duren om de zoeklichten op de wagen te monteren en de wagen op te poetsen, en dus moest Emilie nog even geduld oefenen. Frederic nam haar mee naar een kleine stad niet zo ver van Malaucène. Ze gingen eerst langs bij een babywinkel. Er stonden schappen vol spullen waarvan hij het bestaan nog niet had gekend. Maar om de één of andere reden vond Emilie van de eerste keer haar weg tussen de rekken. Ze bekeek spullen, noemde ze bij naam en zette ze weer weg wanneer ze er niet in geïnteresseerd was. Uiteindelijk ging ze voor een babybadje en een, volgens haar, uiterst schattig pyjamaatje. Ze liet hem voelen hoe zacht de pyjama wel niet was, en toen wist hij zeker dat ze dat op een dag ook zou willen. Frederic vroeg zich af hoe Jérome zich had laten verleiden om aan een baby te beginnen? Zelf zou hij daar eerst nog eens over moeten nadenken. Hij hield van een rustig leven. Al moest hij toegeven dat het wel serieus was veranderd sinds Emilie zijn leven was binnengewandeld.